Duizenden euro's!!!
Wijziging
Waarom wijzigt de wetgever het bestaande systeem? Om drie redenen, de eerste is op grond van een uitspraak van het Europese Hof, waarin bepaald werd dat langdurige arbeidsongeschikte werknemers hun volledige opbouw van vakantiedagen behouden, zulks in tegenstelling tot onze wetgeving.
Ten tweede om zoveel mogelijk een eind te maken aan de zogeheten "vakantiestuwmeren" van met name middelbare en hoger personeel, waarvan de aanspraken onder meer verantwoord moeten worden in de jaarverslaggeving. Ten derde om de gezondheid van werknemers te bevorderen, door op deze wijze te stimuleren dat zij hun vakantiedagen ook daadwerkelijk opnemen.
Saldo
Gezien de wetswijziging op 31 december 2011, is dat een goed moment om het saldo van de niet opgenomen vakantiedagen over de laatste vijf jaar vast te leggen. Deze "oude" aanspraken verjaren per 31 december 2016, tenzij ze gedurende deze periode van vijf jaar worden opgenomen en worden afgeschreven van het opgebouwde saldo. Het verdient dus de aandacht om telkenmale indien vakantiedagen zullen worden opgenomen duidelijk aan te geven, dat deze ten laste van de reeds opgebouwde, niet opgenomen, vakantiedagensaldo dienen te worden gebracht.
Wettelijk/bovenwettelijk
Per 1 januari 2012 wordt een nieuw onderscheid geïntroduceerd en wel tussen "wettelijke en bovenwettelijke" vakantiedagen. De wettelijke vakantiedagen worden gevonden door een vermenigvuldiging met een factor vier van het aantal per week gewerkte dagen. Een voorbeeld: men werkt vijf dagen per week (x vier) dan heeft men recht op 20 "wettelijke" vakantiedagen. Werkt men echter drie dagen per week dan heeft men recht op 12 wettelijke vakantiedagen.
Vaak heeft men echter recht op meer vakantiedagen op grond van de individuele arbeidsovereenkomst, de CAO, een bedrijfsreglement of personeelsgids, of het gebruik. Een algemeen beeld is dat men 25 vakantiedagen of meer opbouwt. Deze vijf vakantiedagen worden voortaan aangeduid als "bovenwettelijk".
Dit nieuwe onderscheid is van belang voor de verjaringstermijn. De wettelijke vakantiedagen verjaren na zes maanden na het opbouwjaar, dus moeten uiterlijk vóór 1 juli 2013 zijn opgenomen. Deze dienen dus binnen 18 maanden te zijn opgenomen. De bovenwettelijke vakantiedagen daarentegen verjaren na vijf jaar.
Verklaring
Op grond van artikel 641 lid 2 BW is de werkgever verplicht om aan de werknemer een verklaring uit te reiken, waaruit blijkt over welk tijdvak de werknemer bij het einde van de arbeidsovereenkomst nog aanspraak op vakantiedagen heeft. Uitgangspunt is dat de werkgever een vakantiedagenadministratie bijhoudt, waarop deze verklaring kan worden gebaseerd. De Hoge Raad heeft op 21 juni 1991 uitgesproken dat de verdeling van de bewijslast ter zake van vakantiedagen in belangrijke mate afhankelijk is van wat de werkgever in verband met zijn verplichting aan bewijsmateriaal ter zake van deze administratie heeft kunnen overleggen dit in samenhang met de vraag in hoeverre en op welke gronden de inhoud van het bewijsmateriaal door de werknemer wordt betwist. Bij betwisting heeft de werknemer ook recht inzage te verkrijgen in de administratie van de werkgever ter zake de vakantiedagen. In haar uitspraak van 12 september 2003 overweegt de Hoge Raad dat de bewijslast van het tegoed aan vakantiedagen aan de zijde van de werknemer ligt, maar dat de werkgever bij betwisting van het door de werknemer gestelde tegoed van vakantiedagen in beginsel zijn betwisting mede zal moeten motiveren aan de hand van de uit de administratie blijkende gegevens die dan ook door de werkgever in het geding moeten worden gebracht. Het zal duidelijk zijn dat een en ander in de praktijk nog wel eens tot discussies leidt.
Gecompliceerd
Deze vakantiedagenadministratie zal door deze wetswijziging nog aanzienlijk gecompliceerder worden. Immers vanaf volgend jaar hebben wij te maken met: a- een saldo aan niet opgenomen vakantiedagen vóór 31 december 2011, b- een aantal opgebouwde, niet opgenomen vakantiedagen vanaf 2012 en volgende jaren, waarbij c- een onderscheid moet worden gemaakt tussen wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen.
Voorts wijs ik erop dat in geval van arbeidsongeschiktheid de opbouw van vakantiedagen normaal doorgaat, terwijl de regeling tot 31 december 2011 er in voorzag dat gedurende de laatste zes maanden van arbeidsongeschiktheid vakantiedagen werden opgebouwd. Ook hier moet een nieuw onderscheid worden gemaakt tussen wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen. Bij de bovenwettelijke vakantiedagen tijdens arbeidsongeschiktheid moet worden gekeken of er in de individuele arbeidsovereenkomst dan wel een andere regeling bepalingen zijn opgenomen waarbij d- de opbouw van deze dagen niet plaatsvindt, dan wel in mindering worden gebracht.
Redelijkerwijze
Tot slot wijs ik erop dat met name voor middelbaar en hoger personeel het zeker niet ongebruikelijk is, dat men niet toekomt aan het volledig opnemen van alle vakantiedagen. De werkdruk is vaak zodanig, dat een vakantiedagenstuwmeer van twee, drie maanden of meer wordt opgebouwd, respectievelijk dat dat ontstaat. e- De nieuwe wet voorziet daarin met de bepaling dat: "indien men redelijkerwijze geen vakantie/dagen kan opnemen, deze dan niet binnen zes maanden verjaren maar binnen vijf jaren." De vraag is dan natuurlijk hoe toont men dat aan.
ATV
Voor de goede orde wijs ik erop dat ATV, respectievelijk ADV, dan wel roostervrije dagen, of hoe dan ook genoemd, niet vallen onder de bepalingen met betrekking tot vakantiedagen, en dus ook niet onder de nieuwe regeling vallen. Het verdient aanbeveling om dit soort dagen altijd als eerste op te nemen, omdat deze anders bij einde dienstverband doorgaans niet zullen worden uitbetaald.
Advies
Mijn advies is om een dezer dagen een opgave te vragen aan de werkgever, waaruit het saldo niet opgenomen vakantiedagen per 31 december 2011 blijkt. Dit is na te rekenen aan de hand van het aantal vakantiedagen maal vijf jaar minus opgenomen vakanties en vrije/snipperdagen.
Voorts om een duidelijk onderscheid te maken vanaf 1 januari 2012 tussen bovenwettelijke en wettelijke vakantiedagen. Middels email vastleggen telkenmale of de vakantiedagen ten laste dienen te komen van het saldo, dan wel of men vakantiedagen gaat opnemen ten laste van de wettelijk opgebouwde vakantiedagen. Telkenmale vastleggen middels email indien men er niet aan toekomt om vakantiedagen op te nemen.
Kortom: een Excelsheet leent zich het beste om een dergelijk overzicht op te stellen en bij te houden. Het verdient aanbeveling om deze gegevens periodiek met de werkgever af te stemmen.
Ik wens u allen een gezond en voorspoedig en op grond van een inzichtelijke Excelsheet veel vakanties toe in 2012!
Hans Schravenmade
